Ook voor opa en oma kan er na de echtscheiding helaas veel veranderen in de omgang met hun kleinkinderen. In sommige gevallen verandert de familiesituatie dusdanig dat opa en oma hun kleinkinderen nauwelijks meer kunnen of mogen zien. En dat terwijl veel opa’s en oma’s een erg belangrijke rol in het leven van hun kleinkinderen spelen en vaak juist een veilige haven bieden ten tijde van een scheiding, zij kunnen dan een luisterend oor bieden en zorgen voor afleiding.

Bestaat er een wettelijk recht op omgang met de kleinkinderen?

In een ouderschapsplan (dat wordt opgesteld als ouders gaan scheiden) wordt er vaak ook een passage opgenomen over het contact en omgang met andere familieleden, waaronder ook de opa en oma.

Grootouders hebben een mogelijkheid om zelf naar de rechter te stappen met het verzoek om een omgangsregeling met de kleinkinderen op te leggen. Om dit verzoek succesvol te laten zijn, moeten zij wel aantonen dat zij “in een nauwe persoonlijke betrekking” tot het kleinkind staan. Dan moet er dus vóór de echtscheiding al structureel en regelmatig contact zijn geweest tussen kleinkinderen en opa & oma. Een voorbeeld hiervan kan zijn grootouders die bijvoorbeeld structureel één dag per week op hun kleinkind pasten.

Belang van het kind

De rechter zal in een dergelijke procedure een belangenafweging tussen het belang van het kind bij contact met opa & oma en de belasting die dit voor het kind en de ouders oplevert. Het ‘belang van het kind’ weegt bij deze afweging het zwaarst. Een scheidingsadvocaat-en mediator van de vFAS kan grootouders adviseren en bijstaan in een dergelijke procedure bij de rechtbank.

 

Recente Berichten